Want Murphy is gek op lijstjes, Aan het Eenzame Meer staat er vol mee. Boodschappenlijstjes, wenslijsten, todolists, vriendenlijstjes, je kunt het zo gek niet verzinnen of het past wel in een van die lijstjes. ‘Verzin een list Tom Poes’ krijgt een dubbele bodem in Murphiaans perspectief. Je moet het van me aannemen, ik ga er niet over uitweiden in zulke korte stukjes. Op één uitzondering na, en dat is The Subject List van Murvier. Wat er zogenaamd allemaal besproken moet gaan worden. Zo’n lijst alleen al staat bol van de pretenties. Komt i, hou je vast:

Te behandelen onderwerpen in Mur4

  • De Zorg zorgvuldiger i.p.v. Zorgwekkend.
  • De CIA en zijn methodes
  • De vele voordelen van ouder worden (inclusief sublist)
  • De positie van een kunstenaar anno nu
  • De uitdaging en meerwaarde van samenwerking
  • Hoe hou je een onafhankelijke geest
  • Murphy’s lievelingsboeken
  • Goede beschermende stenen en hun eigenschappen. Verificatielijst.
  • De beste binnenkomers en uitsmijters bij heikele ontmoetingen
  • De lekkerste gezonde vegan recepten
  • Quantum Weirdness en de implicaties
  • The songs of Murphy Slaughter
  • The Poems of Murphy Slaughter
  • Tien Stappen Plan voor een bestseller
  • De Wet van de Octaven en de Muziek van de Kosmos
  • Het HankyPanky Project
  • Activistische Vintage of zeg maar dag tegen mode
  • Wat kan je zelf doen aan de klimaatverandering
  • Hoe stap je met je beste been uit bed
  • De leukste afkortingen op een rijtje
  • Hoe blijf je in alle tumult in vredesnaam schrijven?
  • Niet verdachte voorwerpen; hoe je ze als wapen kunt gebruiken
  • De tien beste manieren om een vijand uit te schakelen
  • Vrienden. Hoe krijg je ze en hoe hou je ze
  • Absent friends. As tears go by

En alweer een zaterdag, 12 oktober, grijs, zacht, verstilde herfstdag, ben nog niet buiten geweest, daarentegen kwam Charles op de koffie, de schat, even later arriveerde Fleur Paalman, met een zelfgebrouwen slow-cooked oersoepje, appeltje van de buren, avocado’s die nog wat verder moeten rijpen onder de bananen, die zijn daar geweldig voor, wist je dat? Onrijp fruit altijd onder de bananen leggen, dan rijpt het mooier en sneller. En ze gaf me een stuiter-ei, fantastisch, net echt. Gaan we lol aan beleven, nep-ei hier op de salontafel, gebbetje, lachen!

Miss Nothing heeft wel een punt. Het is niet alleen iets dat je overkomt, je moet het wel toelaten, er ontvankelijk voor zijn. Oppassen dat je jezelf er niet in verliest is een vereiste, denk aan de goeroes en de meesters en religroepen die zich totaal uitleveren. Gevaarlijk. Keep in control while surrendering. Dat kan echt. Het is een meerwaarde, geen vervanging. Het heeft geen enkele zin, in tegendeel, je verleden en afkomst te verloochenen. Er komt iets bij, er gaat niets af, dat moet je goed in de gaten houden.

Fleur is ook alleengaand, en kent alle facetten met de diverse voor- en nadelen net als ik. Ze heeft vorige maand een rib gebroken. Gestruikeld over de roeimachine die midden bij haar in de woonkamer staat. In de eerste plaats zou zo’n apparaat nooit midden in de kamer staan, als je een relatie hebt, laten we wel wezen. Een groot voordeel als single is dat je lekker obstinaat mag zijn. Fiets in de keuken. Parasol opengeklapt boven de douche. De zitkisten voor buiten zijn nu weer boekenkastjes en hun kussens liggen nu kleurig en fris op de bank. De geërfde staande schemerlamp die je zo aandoenlijk lelijk vindt staat beeldschoon te wezen op het balkon met een zelf in elkaar gewrochte buitenlampconstructie geeft het veilig en duurzaam een hele strot indirect licht, waar je soms een gekleurd peertje indraait, blauw, groen, omdat het walgelijk mooi is en not done en omdat je daar vast ruzie over zou krijgen binnen een relatie, daar kan je vergif op innemen. Zo heb ik boven mun ouwe gele step met daarop een wit paardje en achterop de bagagedrager een opblaasduivel, maar die zit nu leeggeprikt bij het oudplastic. Klaar met duivels in alle soorten en maten, hoe grappig ook. Hoe kom ik in vredesnaam nou weer op die opblaasduivel waar ik juist geen woord over vuil wou maken?

O ja, Fleur die vertelde over haar gebroken rib en hoe onthand je bent en hoe afhankelijk. Gelukkig voor haar is het nu min of meer over, het is vreselijk, je rib gebroken, niet lachen niet niezen niet ziek worden zodat je moet hoesten absoluut niet hoesten, je blijft erin. Toen ze weer wat mobieler werd is ze langs het Spaarne gefietst en is een paar keer op en neer gegaan met het pontje, voor wat ruimtebeleving, wat horizon. Waar haar roeimachine nu staat weet ik niet. Row row row your boat enz enz zen zen.

Ze heeft ook een weedje voor me gehaald want lichamelijk zowel als geestelijk gezien is dit een waardeloze dag, zo slap als een vaatdoek in alle opzichten. Een natte, vuile vaatdoek. Terwijl ik zo heerlijk geslapen had leek het alsof alle levenskracht ’s nachts uit me weggesijpeld was, leegezogen door een vampier of zo’n incubus die bovenop je gaat zitten en je leegperst soms tot de dood erop volgt, in mijn geval was ik gelukkig op tijd wakker geworden, maar daar was dan ook alles mee gezegd, geen koffie kon me redden, en de optie naar buiten, een rondje lopen was uitgesloten. Nee, wees niet bang, er volgt heus geen gepiewmiew over de kwaaltjes en pijntjes, daar werd mooi een heel ander soort stokje voor gestoken door eerst Charles op bezoek, op de voet gevolgd door Fleur en later, toen zij weer weg waren, Tom. Tegen die tijd was er het nodige de revue gepasseerd, van je ouwe kunst die ballast wordt in je hemelbestormende avontuur en je lager laat vliegen of je neer dreigt te laten storten, via Haagse mores, eco voetafdrukken keurmerken en certificaten voor vlees, kleding en stenen, goedkoop vliegen versus keuze armoe in ander openbaar vervoer naar de nietigheid van de mens en diens vernietigende impact op de aarde, het beschuldigende wijsvingertje van de regering richting open haarden terwijl de grote bedrijven ongehinderd hun gore gang kunnen blijven gaan. Ongehinderd omdat wij als burger te vaak en teveel geïntimideerd worden met regels zonder context en verboden die schier willekeur lijken. machtsblokken die steeds onverzoenlijker tegenover elkaar komen te staan, Rusland dat via de media voortdurend de zwarte piet toegespeeld krijgt, terwijl Zwarte Piet zwartepiet niet meer is maar het vage roetpiet van de visieloze concessies terwijl America America niet meer is, en Europa nooit dat Europa van solidariteit geworden is wat men ervan gehoopt had, omdat ieder volkslied nu eenmaal begint met vol, met eigen volk eerst de achterliggende filosofie, versus de grootsheid van de kosmos, de grappigheid van de mensch, hahaha, in al z’n waansmaak en zwanenzang, oh wat hebben wij er tabak van, daar heeft de tabakslobby niks aan kunnen veranderen en hoe dat precies zit daar zullen we wel nooit achter komen het is wel eigenaardig op te moeten merken dat het rookverbod ongeveer heilig is, dat de overheid geholpen door de farmaceutische industrie wel zal bepalen wat goed voor ons is, en dat als alle verpakkingen van dingen die niet goed voor ons zijn zoals bij voorbeeld chips, cola, suiker snoep van even lelijke verpakkingen voorzien zouden moeten zijn als de schier onbetaalbare pakjes sigaretten, de dagelijkse gang naar de supermarkt gelijk zou komen te staan met een ritje house of horrors in grauwbruine ripsodie van knekels en botten en geamputeerde ledematen, rottende wonden die van de etiketten op je afspatten en je de lust tot leven grondig doen vergallen. Ga rustig slapen, de Overheid waakt over ons.

De soep van Fleur is inderdaad versterkend, je knapt op bij ieder hapje. Komt door de miso, dat is zo’n powerbooster. En al die groenten natuurlijk met net die spicy twist, mmm.

Zondag, volle maan, maansteen bij me in m’n buidel voor je weet maar nooit. Prepareer voor de puntjes op de i-week. De foto’s die ik met assistentie van Patrick gemaakt heb, van drie of vier ingelijste schilderijen moet ik versturen naar het ziekenhuis. Mogen ze uitkiezen welke ze willen, om de boel een beetje op te fleuren daar. ALS ze er überhaupt een willen. Wie weet vinden ze het tien keer niks, smaken verschillen, toch? Dat moet ik wel benadrukken in de email, anders eindigt het in een depot, en kan ik het net zo goed, of beter, hier bewaren in de gang. Staat mij niet in de weg. Niet in de weg staan is iets anders dan ergens hangen in volle glorie. Volgens mij zullen ze er heel blij mee zijn. Achterop het schilderij van hun keuze schrijf ik het hoe en waarom van deze gift, terwijl ze van mij, als de afdelingsbitch van dat moment, want ik was me er eentje hoor, eerder ver-gift verwacht zouden hebben. Pijlen van woede richtten zich echter voornamelijk op het systeem. Niet op hun, in tegendeel. Enkel lof komt ze toe. Eigenlijk wel goed datti zo lang gewacht had, nu verwachten ze het niet meer, het was wel beloofd maar er wordt zoveel beloofd. Nee, leuk, straks het emailadres opsnorren en opsturen, hebben ze het morgen in de stafmeeting. Het waren mooie foto’s dankzij Patrick, die heeft daar zo’n kijk op en dan flitssshhffllatsssshh, snelle actie en het schilderij staat er op zijn allerprontst bij om op de foto te gaan.

Patrick is m’n ex-collega bij de Pletterij, hij is nu de beheerder. Als vrijwilliger vervangt hij mij, en dat is heel fijn voor de Pletterij, want beheerder zijn hoort niet tot mijn talenten, als er een stop doorsloeg rende ik langs de kantoren voor assistentie, ben als de dood voor electriciteit, de aan/uitknop is zo ver als ik wil gaan. Technisch ben ik een nitwit, boren, zagen,timmeren, mij niet toevertrouwd en ik heb geen enkele ambitie in die richting. In een nieuw leven lijkt het me wel leuk om juist heel handig te zijn. Dan kan ik bij voorbeeld al mijn uitvindingen vormgeven. Als ik een heel succesvol kunstenaar zou wezen, dan zou ik Patrick inhuren als Art-Assistant, en niet als vrijwilliger, gewoon betaald. Oh wat fijn zou dat zijn! Wat een ander leven. Al die dromen realiseren waarover ik nu enkel kan mijmeren en schrijven. De Rock&Rollator, De Zoomende Elephanthoover, de kartonnen basgitaar die het echt doet dankzij een ingebouwde babyfoon, de tijd om die dingen zelf in elkaar te knutselen was voorbij. Lachen was dat achteraf, het lot dat je een loer draaide door juist dát stukje ambachtelijkheid waar je weliswaar een hekel aan had maar wel onder de knie had, voor passpartoutes, zelfs het woord kom ik nooit meer tegen, overal ging toen een paspartout om, al je geslaagde kunst iig (!) kwam in zo’n kartonnen lijst at least, dan was het pas af. En laat het nou wezen dat er voor mijn installaties en performances heel wat karton versneden moest worden met een stanleymes, op m’n knieen of op mijn hurken op de grond, nog zie je de kerven in de houten vloer, van vroeger, de restanten van kunst die hier amper nog aanwezig is, al die grote letters, meestal zo’n zeventig centimeter doorsnee, een stuk of zeven A’s, de B een keer, de U, nu zou ik denken ABU, toen dacht ik AUB, of BAU van Bauhaus,dat ook voorkomt in het lijstje favoriete afkortingen daarna de S de W nog een A en de N die in elkaar gevouwen ook echt een swan vormde, voor de reis per boot van een heel Tsaar Peter-huisje van Nauerna naar Zaandam, of nee, andersom. Een zeer geslaagde performance omdat alles van begin tot einde mis ging, en toen ging het nog heel erg misten ook. Zag je die boot met dat huisje als het ware uit het niets opdoemen. Lars von Trier beeld. Dan de realiteit. Geen electriciteit, was Libo vergeten. Libo was mijn oude blinde intendant in die dagen. En ik was te stom voor woorden, had ik toch zelf aan moeten denken? Nu stonden er allemaal microfoons op standaards opgesteld aan dek, en er deed er maar eentje het, de ander was voor de platenspeler waar Russische liederen en Archangelsk op draaiden. Archangelsk was toevallig ook de naam van het huisje dat verscheept werd over die rivier in de mist, twee microfoons die het deden op een agregator die we onderweg nog ergens ff huurden de rest van die stamicrofoons, staketsels stille getuigen van deze wonderbaarlijke reis waar ik ook nog es een lang lied over zong op mijn kartonnen gitaartje (zelf gesneden met m’n stanleymes, gggrrr ) waarvan een regel is vereeuwigd op video door Nenno: How we wun the war with marshmellows... Staat op de compilatie S.O.U.L. Save Our United Love. Heb nog een versgeperst stapeltje liggen, als je interesse hebt? Zie je die boot in de mist opdoemen, quite awesome, really. Jaques Overtoom was erbij, aan boord, en Nenno de Zoete, die het vastlegde. Die zie ik nog steeds, toevallig komt i volgende week, joepie. Jacques en Ada zie ik vaak op straat. Jaques heeft me vaak geholpen voor acties, hij ontwierp de posters. Ooit krijg je ze wel te zien, ik heb ze nog ergens. Vandaag of morgen duikelt er van alles op. Als ik ga opruimen hier. Make space. Charlie is daar een voorbeeld voor, hij maakt er zelfs een project van. Voor hem is het een ander verhaal, hij is jong, ik niet. Voor zo’n watkanweg actie krijg ik vooralsnog een brok in m’n keel en slaak ik een zucht. Het doet me gewoon denken aan de Laatste Levensfase, kan ik niks aan doen. Doem. Opruimen en wegwezen.

Daarom stel ik die foto’s opsturen naar het ziekenhuis steeds uit, want die liggen op het stapeltje ‘gebroken heup, kunstheup, wat nu?’ Plus medicijnvoorschriften afspraken en de hoofdprijs De Administratie! Procrastination! Dat woord ken ik inmiddels veel te goed. En nu is het afgelopen! Morgen, maandag begin ik. Kan niet meer terug, het staat nu in m’n boek, ha! En zo direct stuur ik de foto’s naar het ziekenhuis. En daarna de nieuwe MUR4 rondsturen, naar inmiddels bijna dertig abonnees. Volle maan, eerst even een luchtje scheppen zo. Het is zowaar droog, vlug!

Wat een heerlijk zacht weer. Een Oktober kadootje, vaste prik, je weet alleen nooit wanneer en hoe. Kan ook blazing sunlight zijn, dat alles in een gouden gloed baadt. Dat is vandaag niet het geval. Hoofdtoon is grijs, met afgeleiden als grijsblauw, grijsgroen, grijsrood, grijsgeel. Denk je dat de laatste twee niet bestaan? Echt wel! Heel prachtig, alleen vaak giftig.

Niet nu, niet vandaag, alles is zacht, innig en teder, zo lieflijk dat het bijna zeer doet.

Er was dan ook heel wat volk op straat. Iedereen had het gevoel gekregen van vlug vlug vlug, nu het nog kan! En natuurlijk weet ik niet hoe het aan zee was, of in de duinen, volgens m’n voelhorens was het daar ook druk bezocht. Een laatste streling van een briesje, de laatste donzendeken gewaarwording, nog even onderdompelen in dat intieme gevoel van jij en de zo toegeeflijke weergoden waardoor je bijna ging dansen, in de meute, ingehouden weliswaar, ondertussen danste je, gesjord tussen je krukken, tra lla lla tra lla lla. Niemand die het opviel, zo ingehouden. Eerst naar dat kleine stenenwinkeltje in de Gierstraat, hoe heet het The House of El Dorado, El even, Elderly Brothers, een piepklein zaakje waar je zo aan voorbij stiefelt effe naar binnen om wie weet een steen te scoren, het werd vanavond volle maan om afgerond 11.11 u p.m. hoe vinje dat? Een manische steen zou mooi van pas komen nu. Steen of geen steen, wel het onderwerp gecertificeerde stenen aanroeren.

Een jongeman, ElderlyFlowerPower type staat in de winkel. Confronterend hoe de geschiedenis zich herhaalt, semper aedem, in all changes the same. Hij heeft wel oren naar een stenenmanifestatie of zo, en zal het zeker overleggen. Apart om het effect van de flipflop te ondergaan: ik hoor Mur begeesterd het woord doen, en even zijn de CIA en prophesies of proffies helemaal op de achtergrond verdwenen, een heel verhaal een waarachtig stenenpanorama ontvouwt zich in dat kleine winkeltje vol woestijn en dorstige kinderen die stenen met zich meetorsen op elk denkbare manier. Ja, die jongeman die nu vast stiekem dacht aan het broodje met haring dat z’n vriendin voor hem had meegenomen, heftig knikkend, en toen ik wegging met de groene opaal vond i dat een goeie keus. Effe langs bij Huijsing Books maar Jarco was er niet, wel een heel leuk type juffrouw meisje zoals mijn vader dat zou noemen, gave boeken in overvloed, waaronder Mokums Woordenboek maar ik heb de verleiding weerstaan en ben met lege handen weer naar buiten gegaan. Jarco, die Murphy Slaughter gelezen heeft en het een goed boek vond. Jarco de eigenaar. Ik koop liever wat als Jarco er is. Altijd koffie, koekjes in een glazen koektrommeltje op tafel, naast de fauteuil in de hoek; ministroopwafeltjes die taai waren maar dat kwam omdat niemand er ging zitten en gewoon ook een koekje nam, uit valse bescheidenheid waarschijnlijk anders zou ik het ook niet weten, ik zou zeggen koesteren die winkels waar het grote onthaasten zo’n prettige wending genomen heeft.

Daarna ff spuiten bij Benson & Hedges, pardon, Hudson Bay dat failliet gaat, maar alle luchtjes waren sowieso onbetaalbaar en op de een of andere manier familie van elkaar, je kon sprayen wat je wil, de basislucht is dezelfde, heel mysterieus eigenlijk. The smell of successsss. Ppsssss. De grondtoon van al die parfums anno nu, die bevalt me niet. Fijn om gratis op te spuiten, net als bij de Corte Ingles in Spanje, iedere dag ff langs om een duur luchtje op te doen, m’n woordje al klaar voor als ze wat zouden zeggen, maar ze zeiden nooit wat. Keken slechts een tikkeltje minachtend zo van daar heb je d’r weer zo eentje.

In een wolk van dure eau de parfum, vooral die nieuwe, l’Interdit, al vind ik die niet zo lekker meer als in Spanje bij de Corte Ingles, in een geurmélange van pppsssseudosuccesvol 2019 strompelde ik zo elegant mogelijk door de Grote Houtstraat, scoorde in de Anegang nog een legging die er niet om loog, een pppposssstpppposssstpppposssstmodernistisch geval die de bespottelijk hoge split in mijn verder kekke rok een beetje neutraliseert, van een andere context, of is het in dit geval konttekst voorziet, ook al staat er geen woord op die legging, enkel scenes als uit films, veel vrouwengezichten, een feministisch geval, vrouwenpower, please-to-Me-2. Van de Anegang naar de Kleine Houtstraat alles is een excuus om buiten te lopen op deze zo plotseling zo intens zwoele dag. Nog even langs bij de Nieuwe Ananda daar, voor een onderonsje over de herkomst van die stenen, ja, dat moet ik warm houden, ook al staan zij er minder voor open lijkt het als dat Elderly House in de Gierstraat. Best een pittig wandelingetje voor een arthipstar. Iedere dag iets verder. Ik word gek van dat afhankelijke, kribbig en ibbelig en onrustig, reuze ondankbaar waar ik me vervolgens schuldig over voel, de zalige warmte al wippend op die stomme stijve stokken op me in laten werken, als omarming, troost. ’s Nachts weer last van hartkloppingen, dan maar weer uit bed, volle maan, stenen in het maanlicht leggen om op te laden. Ijsberen met dat onuitstaanbare looprekje, kriii kkrrraaa kkkrrrriii kkkrrraaa. Jáááá’! Ik bén heel blij dat ik het heb. Ook al is en blijft het een onding. Past goed bij een onmens, hihihi.

Monday, good heavens, rise & shine, Vergeet altijd dat een dag een beperkt aantal uur beslaat. Buurtzorg komt om me te helpen met douchen. Tonneke komt om me te helpen met de was. Die moet versjouwd worden naar m’n Beautiful Laundrette. Een enorme achterstallige was, die ondanks het feit dat Lein en Charles er een groot deel al van voor hun rekening genomen hadden, gigantisch was, waarschijnlijk de grootste was ever uit m’n leven, veel vuil goed nog uit Spanje, ik was per slot van rekening net aan een weekje terug toen ik viel en op dat moment lag er nog genoeg schoons aan warmere kleren in de kast om geen haast te maken met my Beautiful Laundrette. En nu was het opeens een leuke afspraak.

Tonneke ken ik al zo lang, wel twintig jaar of zo. Toen zaten we samen in het bestuur van De Vishal. Van de vergaderingen kan ik me herinneren dat ze heel lang duurden, heel zinnig en gezellig waren, vanaf de pauze rijkelijk besprenkeld met drank en op het eind ging Jan van Os, van Van der Pigge, altijd kroketten halen op z’n brommertje, en voor mij een kaassoufflé.

Michele zat ook in het bestuur, was ook lachen. En Helmuth van Galen, de schat, en wat een schilder naar mun hart. En Jan Jabobs Mulder, die vorige maand overleden is, rust in vrede, lieve Jan. En ga je Goddelijke Gang zou ik eerder denken persoonlijk. Toen namen we nog de tijd. Toen konden we ons dat nog permitteren. Met Jan Jacobs Mulder samen heb ik de tentoonstelling ‘Zien Is Geloven’ gemaakt, in de Vishal eén de Grote Kerk, de Bavo, in de volksmond Jan met De Hoge Schouders met zun scheve toren vol hellende Pisa-ambities, een van de eerste grote samenwerkingen, een ontmoeting tussen religie en kunst. Tegenwoordig zou het Cynisch Geloven heten.Terwijl de verhoudingen nu op scherp staan tussen De Vishal en het Kerkbestuur, de Parochieraad of hoe het ook heten mag. Een rel met De Zwarte Madonna, die expo, waarvan het expliciete deel in de kerk opeens verwijderd moest worden ivm een ongenoemde manifestatie, kom ik op terug net als op Zien Is Geloven. Iig (!) lagen de zaken toen heel anders, hoewel ik meteen toegeef dat ik geen vergelijk heb want nu zit ik niet in het bestuur. Tonneke weer wel, sinds kort. Toen hadden we al een klik, Tonneke en ik. Nog steeds hangt er een belofte in de lucht om haar heen van dit is het begin van een mooie vriendschap.

We hadden afgesproken om 11 uur. Ik weet nog dat ik op mun horloge keek, het was toen exact elf uur. Nu komt Tonneke, dacht ik.

Maar de minuten verstreken, geen Tonneke. Om twaalf uur dacht ik ze is het vergeten, maar bij het ritueel van het schrijven van MUR4 past een gelaten passiviteit mijnerzijds, dwz afwachten. Om kwart over twaalf, half een gaat mun mobiel, Help, I need somebody…

‘God zij dank je leeft!’ Tonneke. Ik heb geen idee waarom dat plotseling zo’n wonder is. Blijkt dat de bel het niet doet, ze heeft een kwartier bij me voor de deur gestaan, de schat. En maar bellen. En denken o jee, het zal toch niet…En toen is ze maar teruggegaan naar haar atelier. En heeft ze met veel moeite her en der mun mobiele nummer opgesnorkeld. Al die moeite en ik wist van niks. Ze was het vergeten, dacht ik een tikkeltje droevig, want de afspraak bleek voor mij dus veel belangrijker dan voor haar.

Nu hangt er een papiertje in een plastic hoesje van mun medicijnen op de deur met ducktape. Bel defect, kloppen aub staat erop. Ziet er meteen weer Murphiaans uit, die deur, weg koele zakelijkheid en ik hou alles in de smiezen uitstraling, door dat spionnetje. Misschien aan Charles vragen offi er niet iets mooiers van kan maken. Iets grafischer en strakker, grappiger voor mijn part. Hier waakt een Luistervink, niet betreden zonder te kloppen aub.

Enfin, we besloten tot de wasactie over te gaan.

Tonneke sjouwde de waszak twee trappen af en vervolgens togen we samen naar My Beautiful Laundrette, zij sjouwend met de waszak ik sjokkend met mun stokken, naar de Botermarkt en voor ik het goed en wel besefte had zij er al euro’s in geworpen en deed de zeepautomaat, die altijd stuk was, het weer, en de was draaide al dus togen wij naar Café De Gooth, waar Tonneke traceerde op muntthee geen protesten, ze had iets verkocht bij Artvark, en meevallers zijn om te delen. Geen gezeur. We hebben voornamelijk over kunst en de Vishal zitten kletsen. Binnenkort heeft ze een opening in Wenen, bij haar galerie. En vrijdag doet ze mee aan de door Margreet Bouman georganiseerde expo Verwahlschaften uit mijn hoofd, komen we op terug ook. Ik voel een sterke Wahlschaft met Tonneke, haar kunst vind ik stoer en sterk en helder en een heleboel andere dingen die mijn kunst niet heeft en de hare wel, het is me vreemd en trekt me daardoor aan, juist dt heldere, dat uitgekristalliseerde fascineert me. En ze is zo hartelijk en spontaan, ze houdt ook altijd iets meisjesachtigs. Voor De Vishal is ze geweldig, evenals Margreet, ze doen het toch maar eventjes, een hele klus en verantwoordelijkheid die tijd en energie opslokt dat wil je niet weten, echt petje af.

De opening vrijdag heb ik zin in. Desnoods knal iker nog een extra pilletje in. Gaan zal ik, mensen zien en spreken, de kring iets groter maken en niet vergeten het over MUR4 te hebben.

Tonneke heeft het al helemaal uit, en heeft zich geen seconde verveelt en dat schijnt een heleboel te zeggen, volgens haar.

Ik wil haar meenemen, maandag de 21e, een previer van 43 jaar IndependanceDay. Naar De Stalker, niet de befaamde Haarlemse disco waar ik menig danspasje heb achtergelaten, die is dicht, nee, naar de film De Stalker van Tarkovski die draait in de Filmschuur ’s avonds. Hoop dat ze kan en wil, ik heb al kaarten gereserveerd.

Enfin, Tonneke heeft ook muntjes in de droger gegooid en ik heb erop gestaan dat ik ook een muntthee mocht bestellen.

Toen moest ik snel naar huis want Robin Hood kwam me helpen met wat recycle-werk, het bulkte hier van oudpapier, oudplastic, vuilnis. En hij heeft de Flamencoplant binnen gezet en daarmee haar leven gered. Wat een liefde allemaal.

Koen stuurt me tegenwoordig iedere ochtend een piepklein videootje al lopend naar zijn werk. Het filmpje duurt maar even, een korte flits, en it really makes my day. Ik kan niet wachten om jullie over Koen te vertellen, mijn zoon waar ik zo trots op ben, en toch moet het. Even wachten.

Ruby Tuesday. Die zit nog niet in m’n collectie, zo’n ruby. Das een robijn. Vandaag, paar uur op, hou ik het op een groene opaal, voor verzachtende omstandigheden. Wat zouden die welkom zijn, verzachtende omstandigheden die me verzoenen met het hier & nu. Verkeerde been uit bed was geen optie, dat ging tegenwoordig met een strakke regelmaat, en altijd het goeie been eerst, het gewonde been ondersteunend, eronder gehaakt. Nee, just one of those days.

Miss Nothing zit aan de glazen tafel superieur te glimlachen. En af en toe schudt ze haar hoofd er een beetje bij, zoals je dat doet bij een meelijwekkende vertoning. Ze heeft haar uniformjasje aan, een romantische variant op Russische legerjasjes, een voller jasje en minder vormeloos. Oh wat ziet ze er weer charmant uit, en obviously so in controllrollroll. Zij wel anticiperend op Mars, met dat rood suède. Ze steekt een sigaret op met een rode aansteker, ook dat nog.

‘Wat ben je toch heen en weer aan het scharrelen, Murphy. Ga nou toch es rustig zitten en neem je medicijnen. Die zullen je goed doen.’

‘Laat me, Miss Nothing, ik zoek m’n grijpstok, pardon, m’n reacher. Je zou toch denken dat zo’n ding wel opvalt. Nergens te vinden. Hoe kan dat nou? Hoe kan ik over zo’n groot geval heenkijken? Kan niet zou je zeggen. Wonderen bestaan, Miss Nothing! Geen reacher te bekennen, niet boven en ook niet beneden. Er zijn kleren op de grond gevallen, en haarspeldjes. Waarom vallen er toch aldoor haarspeldjes op de grond? Zoveel heb ik er niet. Ondertussen heb ik behalve pijn in mn kunstheup en pijn in m’n knie en de spieren en pezen daartussen ook nog es hoofdpijn en pijn in mijn hand die dat aldoor maar leunen op zo’n stramme kruk met zo’n eeuwig zelfde greep, hard ook, en nu heeft de RA m’n hand te pakken en dat ding weg zodat ik het gordijn beneden niet open krijg, want dan lazert het naar beneden, bamboestok en al. Verder zit mun kleine teen niet goed in m’n wollen sok, omdat het kleine teennageltje daar in is blijven haken. Ik kan het niet nog es opnieuw doen dan forceer ik m’n heup. Het zit rot. Ik kan er niet bij. Ik ontplof!’

‘Ga zitten en neem je medicijnen. Pathetisch gewoonweg. Goed zo. Slokje koffie tussendoor, niks aan de hand. Take your time. Take it easy. So hum, weet je nog?’

‘En ik moet me juist zo focussen op mijn verhaal over de CIA, want het gaat maar door, en dit is het juiste moment, het barst van de whistleblowers bij de CIA, de een na de ander verbreekt zijn eed en komt met verhalen die je haren ten berge doen rijzen. Omdat ze zich daar moreel toe verplicht voelen. De ontwikkelingen, de mogelijkheden zijn huiveringwekkend. Nu is er een complot tegen whistleblowers, kijk naar Julian Assange. Snowdon, Manning. We moeten ons bewust worden van het feit dat we allemaal whistleblowers kunnen zijn, een fluitje van een cent, je hebt een fluitje voor een euro. En dan maak je een spandoek van je teeshirt met grote vloeiende acrylverfletters We are all Whistleblowers. En I am a Whistleblower. Grote zakdoeken, altijd bij je, met daarop in graffiti letters Blow your nose before U whistle. Of: If U are a whistleblower, blow your nose. Or Don’t blow the job! Blow your nose, blow your whistle. Activistenzakdoeken, het signaal, net als die fluitjes die je altijd om je nek hebt just in case. Om zover te komen heb je een mindset nodig die kan putten uit een context die aanzet tot daden, zo van tot hier en niet verder. FFFFFúúúúúuúúuútttttt!’

‘Zie je wel dat de medicijnen werken? Zie je de grijpstok uitsteken onder de berg kleren? Logisch nadenken, Mur. Jij was weg, niet die stok. Drink je koffie op en doe dat gordijn open. Pak je aantekeningenboek erbij. Ga schrijven. Je kunt niet de hele dag rondscharrelen en schuifelen, dan forceer je het. Genoeg zitwerk te doen, schrijven, de stapel administratie. Zelfs kleren vouwen kun je zittend doen. Wegwerken die stapels dat schept ruimte in je hoofd Mur.’

‘Perpetuum mobile.’

‘Zal best. Noodzakelijk. Ademen. In uit in uit daar draait het om.’

‘Ennui.’

‘Toe maar. Laat toe. Moet je ook tijd voor hebben. Of heb jij je wel eens verveeld als je erge haast had?’

‘Momenteel heb ik niet zozeer haast. Wel een oncontroleerbare drang om te schrijven, anders stolt het en verdor ik, verschrompel ik…’

‘Lamaar. Bewaar je dichterlijke gevoelens voor het schrijven.’

‘Weer je dat als je MUR4 typt dat je dan bij 4 de shifttoets los moet laten? Anders staat er MUR$. Dat zegt een boel. Op de een of andere manier.’

‘Ja hoor Murphy, dat zegt een heleboel. Ga nou maar schrijven.’

Uren later alweer wordt er geklopt.

Eerst zacht, steeds harder, met steeds kortere tussenpozen.

Jajaja roept Mur geïrriteerd omdatti weet dat de deur geluiddicht is.

Niet een vriend of bekende, die zouden niet zo doorkloppen.

Mind your steps, mind your steps.

Er staat een moslima voor de deur, vriendelijk gezicht, olijke glimlach.

‘Ik niet weten, hier schoonmaken, ik zoeken. Ik Zara.’

Áhh. Ik weet van niets. Komt u van..’

‘Ik niet weet, u neemt contact op. Ik heb haast. Ik kom uit Amsterdam.’

Ze duwt me bijna naar boven. ‘Waar is de stofzuiger?’ vraagt ze boven aan de trap terwijl ze haar schoenen uittrekt, en muiltjes aan. ‘Ik heb haast, moet de kinderen uit school halen. Waar is de slang?’

‘De slang?’

‘Slang ja. Voor stofzuiger.’

‘O ja, die staat in de gangkast, maar dan moet eerst de kapstok en een stoel met spullen opzij. Handige tante, die Zarah, da meteen duidelijk, hoewel…ze rukt de slang zowat uit mun handen, gooit jas en tas op een stoel, hengst de stekker in het stopcontact en woooossshhhh, een ware wervelwind trekt door het huis, er wordt gezogen alsof de duivel op haar hielen zit, ik hou mun hart vast, alles hier is in wankel evenwicht, wiebelige sokkels met zware planten erop, stoelen die op instorten staan, maar behendig zoeft ze om alles heen. Totaal overrompeld gaat Murphy in de keuken een afwasje klaarmaken, hoewel dat enkel dient om tot zichzelf te komen, een vreemde in huis die alleen haar naam zegt en daarna zonder uitleg aan de gang gaat, geen papieren geen gesprekje, geen kopje muntthee. Het meest verbijsterende is de snelheid, alsof er sprake is van een totaal andere beleving van tijd. Alles op haar weg is een obstakel richting stof, en dan weg, ze ziet niets vermoedelijk, het is een kwelling om te zien, eerlijk gezegd, terug naar de afwas, maar nee, Zarah is klaar met zuigen beneden.

‘Verder nog iets?’

Ja, er is ook nog boven.’

‘Moet ik daar zuigen?’

‘Als u tijd heeft..’ Het laatste ironisch bedoeld, maar die nuance ontgaat haar, ze heeft de stofzuiger al bij elkaar gegrabbeld, zo goed en zo kwaad als dat gaat met zo’n zwaar gevaarte, en maakt aanstaltes om zo die gevaarlijk steile trap op te klauteren, maar dat gaat Mur toch echt te ver.

‘Hohoho, neenee, niet zo. Levensgevaarlijk, Zarah, moet je je nek breken? Wil je soms ook een gebroken heup? Eerst het snoer d’r weer in. Zo ja, windt maar helemaal op totti weg is, en dan de stang eraf, die geef ik wel aan. Voorzichtig, niet zo snel het is hier geen circuit!’

Zo eentje dus, denkt Murphy, alsof i er wat van afweet, en daar moet ik zeker blij mee zijn. IJsberend tussen afwas en buro, totaal overdonderd horend hoe er met veel gestommel, o jee, er dingen verschoven worden, o nee, daar gaat de tafel met de glazen beestjes, mission impossible heeft i z’n handen vol aan z’n hart vasthouden. Een razende orkaan trekt door zijn huis met alle privézaken. Schrijven is uitgesloten bij deze invasie, en rustig mindful afwassen is er ook niet bij. Boven woooossssshhhhh wwwwwóóóóóssshhh en beneden krikroe krik-kroe-krikroe.’ Hartverscheurend voelt het. Zalli naar boven lopen? Dat ziet er zo controleerderig uit. Een Moslima, voor je het weet heeft i iets politieks incorrects aan het rollen gebracht. Nee, het moest persoonlijk opgelost worden. Het lawaai stopt, het snoer flikkert op de grond enni hoort hoe het opgerold wordt: zie je wel datti zelf kan communiceren? Haar donkere gedaante vult het trapgat al, onwillekeurig doet i een paar stappen terug, met veel misbaar en vervaarlijk gedeins komt ze de smalle trap al weer af.

‘Gevaarlijke trap, héél gevaarlijk.’

‘Als je de trap langzaam en voorzichtig op- en afgaat is er niks aan de hand.’

Ze duwt hem zowat opzij en rukt de gangkast open. Bijdehand genoeg, dat wist ze dus nog. Ze propt de stang erin en doet de deur snel dicht, schuift het schilderij er weer voor, de kapstok dar tegenaan en de stoel naar achter, precies zoals het stond. Voor i het weet heeft ze een papier onder zijn neus geschoven:

‘Daar je naam, hier je handtekening.’ En als i wil gaan lezen herhaalt ze

‘Hier je naam. Daar je handtekening.’ Overdondert tekent hij.

Ze is al vijf minuten weg, hij staat nog in de gang. Hij moet bellen. Het is toch te gek dat ze zomaar iemand sturen zonder intakegesprek? Eerst even uitrusten. Geen goeie dag vandaag. Even liggen. Ook dat nog. Het duizelt hem. Eerst ontspannen, dan bellen, die vent van de WMO. Zuuderzorg klinkt al niet best. Sudderzorg wou hij het noemen, eerder het tegenovergestelde, wokzorg. Nee, eerst bellen, dan rusten. Hij draait het nummer en krijgt een lang keuzemenu. Hij moet bij overige vragen zijn, toets negen. Er zijn nog tig wachtenden voor me. Aan de lijn blijven, kiezen op elkaar. Na enkele momenten een vrouwenstem: ‘Gemeente Haarlem, waarmee kan ik u van dienst zijn?’

‘Afdeling WMO alstublieft, de heer van Wonderen.’

‘Momentje alstublieft.’ Wat klikken verder zijn er weer wachtenden voor hem. Dan weer een vrouwenstem; ‘Maatschappelijke Ondersteuning, waarmee kan ik u van dienst zijn?’ De belevenissen worden zo nauwkeurig mogelijk uit de doeken gedaan: Verontwaardigd doet i zijn verhaal. ‘Ze was heel aardig en snel en het was zo klaar. Daar gaat het niet om. Het gaat erom dat iedereen hier wel kan aanbellen zonder afspraak en zeggen datti van de Zorg is en komt schoonmaken. Zonder gesprek of zo. Dat is toch geen stijl? Ze kunnen wel misbruik maken en het huis leegroven, het is bijna gelegenheid geven tot.’

‘Dan moet u zelf even contact opnemen met de zorgverlener. Ik kan u wel even doorverbinden. Blijft u aan de lijn?’ Weer wat klikken. Dan tuuut. Ja hoor, de verbinding is verbroken. Wat hatti gezegd? Eerst even slapen, hij is gesloopt.